GEZOND SPORTEN VLAANDEREN

Homeostatic Model Assessment

Dr. N. Keereman

HOMA2-calculatie in de praktijk

Lights

Om na te gaan of een storing in het koolhydraatmetabolisme aan de basis ligt van herhaalde blessures in de sport wordt bij een sporter een nuchtere bloedafname verricht, bij voorkeur meer dan 2 dagen na een zware inspanning of wedstrijd. Met de nuchtere glycemie, de nuchtere insulinemie, het C-peptide en het ge-update computermodel: Homeostatic Model Assessment-2 (HOMA-2 calculator) wordt de geschatte insulinesensitiviteit (%S), de steady state β-cell function (%B) en de insulineresistentie (IR) berekend.

 

Homeostatic Model Assessment Calculator

In de calculator gebruikt men beurtelings de nuchtere insulinemie en het C-peptide waardoor men voor de 3 parameters (%B, %S, IR) 2 resultaten krijgt. Het is logisch dat we de C-peptidedata weerhouden om de β-celfunctie te berekenen (gezien het C-peptide een marker is voor de secretie van insuline in de pancreas) en de insulinedata, voor de berekening van de insuline sensitiviteit (gezien S% is afgeleid van de glucose afvoer ter hoogte van de lever, spieren en adipeus weefsel in functie van de insulineconcentratie).

 

Homeostatic Model Assessment Calculator

Omdat de insulinesecretie een pulsatiel karakter heeft, is het theoretisch beter om 3 insulinestalen te nemen met een interval van 5 minuten en het gemiddelde ervan te berekenen. In de praktijk echter, geeft één enkele bloedafname een acceptabele schatting. Een steekproef met enkelvoudige metingen bij meer dan 30 verschillende sporters geeft een perfecte correlatie met de resultaten van het gemiddelde van 3 stalen. De HOMA kan ook gebruikt worden in fysiologische studies in aanvulling op gestimuleerde schattingen zoals de complexe clamp en IVGTT (intravenous glucose tolerance test).

Het C-peptide is een robuustere meting van de insulinesecretie (IR) maar niet van de insuline activiteit. Gezien het C-peptide minder onderhevig is aan schommelingen, is het meer geschikt voor de berekening van de β-cel activiteit en de IR. Als de nuchtere insulinemie voorhanden is, prefereert men om %S of de insulineactiviteit te berekenen met deze parameter. Het gebruik van de 2 parameters nl. de nuchtere insulinemie en het C-peptide voor het berekenen van respectievelijk de β-cel functie en de insuline sensitiviteit, reduceert bias. Als de HOMA wordt gebruikt voor de studie van individuen moet men rekening houden met een intra-individuele variatiecoëfficiënt (CV) van 10,3% voor HOMA-%S en 7,7% voor HOMA-%B.

 

Interpretatie van de resultaten:

%B = 100 en %S = 100 zijn de normale waarden met een IR = 1. Een IR  < 1 en %S > 100 betekent dat de insuline sensitiviteit optimaal is. IR > 1,9 is een vroeg stadium van insuline resistentie. IR > 2,9 is een ernstige insuline resistentie. Deze grenzen worden voorgesteld door de universiteit van Oxford en zijn bedoeld voor de algemene populatie. Voor zover bekend, is er geen literatuur beschikbaar over de interpretatie van deze waarden bij jonge sporters. Eerste metingen geven aan dat topsporters effectief een hoge %S met een lage IR vertonen. Verbazend is echter dat vrij jonge recreatieve sporters soms zeer slecht scoren met als gevolg een hogere kwetsbaarheid voor locomotorische kwetsuren.

Hoe dan ook is de progressie van insuline resistentie een continu proces en kan IR evolueren in de 2 richtingen. (Het kan verbeteren of slechter worden)

Bij de bloedanalyse en het klinisch onderzoek worden nog parameters van het metabool syndroom geanalyseerd. We baseren ons op de laatste, strengere waarden van de European Association for the Study of Diabetes. In onze studie is de HbA1c bijvoorkeur ≤ 5,7 met een nuchtere glycemie van < 100 mg/dl d.w.z. geen prediabetes. De BMI wordt berekend aan de hand van lengte en gewicht. De triglyceriden geven bijkomende info over de voeding en het metabolisme van de patiënt. Het is opmerkelijk dat de interpretatie van deze parameters verschilt bij diverse organisaties zoals WHO, de American Association of Clinical Endocrinologists (AACE) en de International Diabetes Federation (IDF)

PAS OP: Bij type 2 diabetes ontstaat geleidelijk een deficiëntie van de β-cel van de pancreas waardoor, bij een verhoogde glycemie, niet meer voldoende insuline wordt geproduceerd, met een stijging van de HBA1c als gevolg. Bij oudere mensen is het géén goed teken dat het %B daalt. Dit is in tegenstelling tot jonge sporters waar een lage β-cel activiteit een teken is van een dieet met een lage glycemische index en een sensibele reactie van het lichaam op de beperkte insulinesecretie.

IR en chronische inflammatie zijn onlosmakelijk aan elkaar gekoppeld waardoor men in steeds meer studies het hs-CRP ziet verschijnen. Bij IR zonder metabool syndroom of diabetes is deze test niet gevoelig genoeg en zijn er te veel parameters vb. een infectie die met de hs-CRP interfereren.

 

Samenvatting: Dr. N. Keereman, sportarts

Literatuur:

1)T.W. Wallace, et all.: Use and abuse of HOMA modeling: Diacare 27.61487:1 june 2004

2)Young S S ey All: Comparison of Usefulness of the updated HOMA 2 with the original HOMA 1 in prediction of type 2Diabetes Mellitus in Koreans. Diabetes MEtab J 2016; 40:318-325

3) Van Der Feltz M. et all: De plaats van C-peptidebepaling in de diagnostiek van diabetes mellitus: NEd Tijdschrift GEbeeskunde 1993: 137, nr 4

4)Peplies J. et all: longitudinal associations of lifestyle factors and weight status with insulin resistance in preadolescent children: the large prospective cohort study IDEFICS. J of behavioral nutrition and physical activity 2016: 13: 97